Faculteit der Rechts­geleerdheid
ERFGOED
Bouillonstraat 1-3
Faculteit der Rechts­geleerdheid
De Faculteit der Rechtsgeleerdheid huist sinds 1998 in het voormalige Gouvernementsgebouw, een ontwerp van rijksbouwmeester G.C. Bremer uit 1930. Dit markante bouwwerk is als rijksmonument beschermd. Het U-vormige gebouwencomplex werd in een ingenieuze architectonische ordening om een al bestaande tuin opgetrokken. Bremer paste het gebouw in de bestaande historische context in door de gevel bij de dak-aan-dak gebouwde huizen aan te laten sluiten. De diverse bouwvolumes wijken af van elkaar qua positie ten opzichte van de rooilijn. De 46,5 meter hoge toren was bedoeld als ‘vingerwijzing’ om aan te geven dat op deze plaats een belangrijk overheidsgebouw stond. De kantoren waren aan de rechterzijde, terwijl de representatieve ruimten, zoals de receptiezaal en de feestzaal, aan de linkerzijde van de toren waren gelegen. Achter de linkervleugel, in de tuinvleugel, was de woning van de gouverneur; hier waren ook de slaapplaatsen van de Koninklijke familie ondergebracht. Vanaf het balkon boven de arcade aan de Boullionstraat konden hooggeplaatste gasten het publiek toewuiven. Bremer haalde zijn architectonische inspiratie uit Italië. Zo roept de opvallende toren associaties op met die van het Palazzo Pubblico in Siena. Voor het interieur werd vaak met buitenlands materiaal gewerkt. De gangen bestaan uit Italiaans travertin en de marmersoorten komen uit Zweden en Tsjechië. Verschillende Limburgse kunstenaars verfraaiden het interieur, onder wie de glazeniers Joep Nicolas en Jan Grégoire, en de beeldhouwer Charles Vos. Bij de renovatie heeft de Universiteit Maastricht het gebouw zo veel mogelijk gerespecteerd als uiting van de tijd en de stijl waarin het tot stand kwam. De in de hal geplaatste Vrouwe Justita, van de hand van Charles Vos, stond ooit in een nis van de gevel van het voormalige Paleis van Justitie, voorheen het Tweede Minderbroedersklooster en nu bestuursgebouw van de Universiteit Maastricht.
© 2017 Kunst- en erfgoedcommissie, Universiteit Maastricht